Werd de St.
Johns-hond door de eskimo's gebruikt voor de visvangst, de labrador werd
gefokt voor de eendenjacht en voor de jacht in moerassige gebieden. De
labrador heeft als enige hond rudimentaire zwemvliezen tussen zijn tenen.
Ze zijn vanzelfsprekend dol op water en apporteren. Aard In Groot-Brittannië,
de Verenigde Staten, Zuid-Afrika en Australië is deze hond zeer geliefd.
Hij is energiek, werklustig en gehoorzaam van aard, en wordt dan ook graag
gebruikt als geleidehond. Uiterlijk De vacht van
de labrador is kort en dik met een waterafstotende ondervacht en heeft
weinig verzorging nodig. Eenmaal per week borstelen is voldoende. Deze
honden komen in verschillende kleuren voor: van bijna wit tot donkerbeige,
roestkleurachtig en zwart. De meest voorkomende zijn de beige, maar men
kan steeds vaker roestkleurige en zwarte labradors aantreffen. Schofthoogte
van de reuen is ca. 57 cm. en van de teefjes ca. 55 cm. Opvoeding De labrador retriever is door zijn intelligentie en leergierigheid niet moeilijk op te voeden en werkt graag voor zijn baas. Op gehoorzaamheidswedstrijden doet hij het heel erg goed. Zijn baas zal hem een groot plezier doen door dingen met hem te ondernemen.
|
||